De politieke vrienden van Bart De Wever

Image

Bart De Wever is niet alleen een graag geziene gast bij de franstalige patronale elite  maar hij kan ook rekenen op de politieke steun van Annemie Turtelboom (Open VLD) die justitieminister is binnen de regering Di Rupo…

Turtelboom: ‘Ik ben tevreden met het akkoord dat voor het grootste deel strookt met het Open VLD-verkiezingsprogramma. Een schildpad komt alleen maar vooruit als ze haar nek uitsteekt’…

10 DECEMBER 2012

De Wever: ‘Bestuursakkoord is verhaal van kansen’

ANTWERPEN – De onderhandelaars van de drie Antwerpse coalitiepartijen, Liesbeth Homans (N-VA), Annemie Turtelboom (Open VLD) en Marc Van Peel (CD&V) stelden samen met toekomstig burgemeester Bart De Wever (N-VA) het bestuursakkoord voor. ‘Het is een gedegen tekst geworden met heel wat zaken die Antwerpen mooier en beter zullen maken’, stelde De Wever.
Zondagavond kwam er witte rook uit de schoorsteen van het Schoon Verdiep. De onderhandelaars bereikten een inhoudelijk akkoord om Antwerpen de volgende zes jaar te besturen. Op de persconferentie kregen de verschillende delegatieleiders elk om de beurt het woord.

De Wever onthulde eerst en vooral dat het bestuursakkoord de titel ‘Respect voor A’ meekreeg en dat het document zeven hoofdstukken telt en 450 resoluties. De formateur, die zichzelf nu officieel burgemeester mag noemen, droeg ook het A-logo dat zijn voorganger Patrick Janssens bedacht. Hij bedankte iedereen die heeft meegeholpen tijdens de onderhandelingen.

‘Voor onze stad begint een nieuwe periode’, stelde De Wever. ‘Er zal een nieuwe coalitie optreden in een totaal gewijzigd politiek landschap. Het bestuursakkoord is een gedegen tekst geworden met heel wat zaken die Antwerpen mooier en beter zullen maken.’

De Wever benadrukte verder nog eens hoe vlot de onderhandelingen verliepen: ‘Ik ben ervaringsspecialist in onderhandelen en ik heb minder goede onderhandelingen gekend. We hebben in een goede sfeer samengewerkt. Zelfs de Sint, die ons een bezoek bracht, kon alleen zien dat het goed was.

‘Verhaal van kansen’

‘In de nota draait alles rond respect’, aldus De Wever. ‘Respect van de stad voor de Antwerpenaren, respect van de Antwerpenaren voor de Antwerpenaren en respect van de Antwerpenaren voor hun stad. Respect voor A is ook een verhaal van kansen.

‘Die rechten en plichten zijn belangrijk’, beaamde N-VA-delegatieleidster Homans. ‘Wie kansen krijgt moet die grijpen.’ Ze noemde daarbij als voorbeeld het aanleren van het Nederlands, dat door het nieuwe bestuur gefaciliteerd zal worden.

Het nieuwe sociaal beleid is volgens Homans op gericht de armoede te bestrijden, maar niet op een conventionele manier. ‘Niet op een manier dat de overheid het overneemt.’

Het sociale beleid weerspiegelt zich ook in het onderwijs waar taalachterstand en leerproblemen moeten aangepakt worden, verklaarde Homans. Dat werd beaamd door CD&V-delegatieleider Van Peel, die verklaarde dat het sociale beleid en het aanpakken van de werkloosheid speerpunten waren voor zijn partij.

‘Niet met auto tot aan de kathedraal rijden’

Homans vertelde ook nog iets meer over het hoofdstuk mobiliteit in het akkoord. ‘Diegenen die vreesden dat iedereen met de auto tot aan de kathedraal zou kunnen rijden, kan op beide oren slapen. We willen een optimale mix van voertuigen.’ Volgens Homans hebben voetgangers, fietsers, auto’s en openbaar vervoer een plaats in het nieuwe mobiliteitsbeleid.

Het nieuwe bestuur wil naar eigen zeggen echter ook dat de mensen die werken en willen komen werken in Antwerpen, daar ook de mogelijkheid toe krijgen. Er zal ook voorzien worden in extra parkeerplaatsen. ‘We willen de stad aantrekkelijk maken voor iedereen, ook voor jonge gezinnen’, aldus Homans.

Turtelboom

Ook Annemie Turtelboom, vertegenwoordiger van Open VLD tijdens de onderhandelingen, kreeg nog even het woord aan het einde van de persconferentie. Ze was tevreden met het akkoord, waarvan ze stelde dat het voor het grootste deel strookte met het Open VLD-verkiezingsprogramma. ‘Een schildpad komt alleen maar vooruit als ze haar nek uitsteekt’, besloot de federale minister.

Schepenambten

Formateur De Wever liet zondag al blijken dat er nog niets beslist is over de verdeling van de schepenambten. Dat herhaalde hij tijdens de persconferentie. Eerst moeten de verschillende lokale partijbesturen het bestuursakkoord nog goedkeuren. Het is al wel bekend dat er negen schepenen benoemd zullen worden.

Foto: Liesbeth Homans, Bart De Wever, Annemie Turtelboom en Marc Van Peel

http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=DMF20121210_059

Advertenties

Over kruitvat

I am working for the Belgian human rights association 'Werkgroep Morkhoven' which revealed the Zandvoort childporn case (88.539 victims). The case was covered up by the authorities. During the past years I have been really shocked by the way the rich countries of the western empire want to rule the world. One of my blogs: «Latest News Syria» (WordPress)/ Je travaille pour le 'Werkgroep Morkhoven', un groupe d'action qui a révélé le réseau pornographique d'enfants 'Zandvoort' (88.539 victims). Cette affaire a été couverte par les autorités. Au cours des dernières années, j'ai été vraiment choqué par la façon dont l'Occident et les pays riches veulent gouverner le monde. Un de mes blogs: «Latest News Syria» (WordPress)/ Ik werk voor de Werkgroep Morkhoven die destijds de kinderpornozaak Zandvoort onthulde (88.539 slachtoffers). Deze zaak werd door de overheid op een misdadige manier toegedekt. Gedurende de voorbije jaren was ik werkelijke geschokt door de manier waarop het rijke westen de wereld wil overheersen. Bezoek onze blog «Latest News Syria» (WordPress) ------- Photo: victims of the NATO-bombings on the Chinese embassy in Yougoslavia
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

5 reacties op De politieke vrienden van Bart De Wever

  1. kruitvat zegt:

    Johan Vande Lanotte: ‘Bart De Wever is een vriend’

    6 december 2011

    Humo interviewt deze week kersvers minister van Economie Johan Vande Lanotte. Het weekblad legt Vande Lanotte het vuur aan de schenen met vragen over de onderhandelingen, de verschillende politieke partijen en de nieuwe regering. Maar er is ook tijd voor een luchtige babbel. Zo geeft hij voor het eerst toe dat het eigenlijk wel klikt met Bart De Wever.
    Die verrassing kwam aan het licht in Vande Lanottes ‘Dagboek van een politieke crisis’, geschreven door journalist Jörgen Oosterwaal. Het boek start met een voorwoord van Bart De Wever, die blijkbaar een vriend geworden is.

    ‘Een paar jaar geleden hebben Bart en ik gepraat over onze ouder wordende ouders, en dat schiep meteen een band. Het klikt tussen ons, we dagen elkaar graag uit in discussies en liefst nog met veel humor’, vertelt Vande Lanotte aan Humo.

    Vriendschappen tussen politieke tegenstanders, het is zeldzaam. Vande Lanotte beseft goed genoeg dat hij daarmee een buitenbeentje is in de Wetstraat. ‘Ik heb een hekel aan die ruwe zeden in de politiek: zelfs vriendelijk met elkaar omgaan is er niet meer bij. Bart heeft soms een reactionaire visie, maar daarom moet ik hem toch nog niet meteen bij mijn vijanden rekenen?’, klinkt het.

    http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=DMF20111206_028

  2. kruitvat zegt:

    Siegfried Bracke

    Siegfried Th. H. Bracke (Gent, 21 februari 1953) is een voormalig Vlaams journalist en televisiepresentator die vooral actualiteitenprogramma’s, interviews en verkiezingsshows presenteerde rond Belgische politiek. Op 4 mei 2010 maakte hij zijn overstap naar de politiek bekend, en werd een zogenaamd wit konijn. Sindsdien is Bracke actief bij de N-VA.
    Vanwege zijn uitgesproken politieke standpunten en machtige positie als nieuwsredacteur was Bracke al vóór zijn politieke carrière een vrij controversieel figuur. Zijn (on)partijdigheid tijdens deze periode vormt nog altijd een bron van discussies.

    Hij studeerde Germaanse filologie aan de Gentse Rijksuniversiteit (1976), nadat hij in 1971 afstudeerde aan het Sint-Lievenscollege in Gent.
    In 1981 begon hij als producer radio bij Radio 1 van de BRT. In 1983 werd hij journalist bij de radionieuwsdienst. In 1990 stapte hij mede onder impuls van zijn goede vriend Gui Polspoel over naar de televisienieuwsdienst en werd hij een bekend journalist van de nieuwsdienst van de VRT.
    Van hem wordt gezegd dat hij een kritisch journalist is en ervan hield lastige vragen te stellen.
    Hij verscheen sinds 25 november 1991 vrijwel altijd met zijn handelsmerk, een vlinderdas.
    Van zomer 2007 tot zomer 2009 was hij hoofdredacteur van de nieuwsduidingsprogramma’s van de VRT. Van januari 2010 tot april 2010 presenteerde hij het programma Bracke op vrijdag. Bracke presenteerde voornamelijk politieke programma’s op de VRT zoals het dagelijkse actualiteitenprogramma Terzake op Canvas, De zevende dag en Bracke en Crabbé. In 1985 kreeg hij de Prijs van de Vlaamse journalistiek voor een van zijn reportages.
    Siegfried Bracke geeft regelmatig les in de richting journalistiek aan verschillende hogescholen in Vlaanderen.
    Hij is een orangist die de hereniging van België met Nederland onder het gezag van het Nederlands koningshuis voorstaat, voorstander van een omgekeerd confederale scheiding tussen Vlaanderen en Wallonië. Tevens is hij vrijmetselaar.

    In een persconferentie op 4 mei 2010 deelde Siegfried Bracke mee dat hij de overstap naar de politiek maakt, en de Oost-Vlaamse Kamerlijst voor N-VA zal aanvoeren. Volgens De Standaard is zijn keuze voor N-VA opmerkelijk aangezien hij overtuigd vrijzinnig zou zijn en goede banden onderhoudt met sp.a en Open Vld. Op de persconferentie naar aanleiding van zijn overstap naar de politiek motiveerde hij zijn keuze voor de N-VA met dat deze in zijn ogen de enige nog geloofwaardige partij in het huidige politieke landschap zou zijn. Het was zijn eigen initiatief om naar N-VA-voorzitter Bart De Wever te stappen met de vraag of hij voor de partij een politieke rol kon spelen. Hij deelde ook mee door zijn beslissing de N-VA te versterken om meer op de politieke besluitvorming te wegen in de nabije toekomst.
    De VRT heeft de samenwerking met Bracke vooralsnog niet stopgezet.

    Op 13 juni 2010 haalde Bracke op de Oost-Vlaamse lijst van de N-VA 101.940 voorkeurstemmen. Daarmee belandde hij in de top 5 van de Vlaamse stemmentrekkers. Op 6 juli legde hij de eed af als volksvertegenwoordiger. Twee weken later werd hij benoemd tot Ondervoorzitter van de Kamer.

    In december 2010 werd Bracke officieel ingeschreven in de stad Gent, volgens politieke tegenstrevers om er de paarse meerderheid te breken. Bracke kwam bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 op als lijsttrekker voor N-VA. Hij haalde 8570 naamstemmen. Na het teleurstellende verkiezingsresultaat voor NV-A in Gent was er sprake van het gouverneurschap in Oost-Vlaanderen voor Bracke.

    In januari 2011 raakte bekend dat Bracke lange tijd actief was geweest bij de toenmalige socialistische partij; zo had hij meegewerkt bij het schrijven van het SP-partijprogramma, deed hij interviews en een column voor het ledenblad. Hij ontkende dit eerst, en zei dat hij “nooit” lid was geweest van de socialistische partij. Er kwam heel wat kritiek op die uitspraak, en later moest hij toegeven dat hij een korte (sic) periode lid was geweest. Uit onderzoek van Humo bleek dat hij 14 jaar lid geweest was van de SP, van 1987 tot 2001. Tijdens die periode was hij journalist bij de VRT, toch beweert Bracke “dat het geen enkele invloed gehad heeft op zijn journalistenwerk”. De VRT ging hiermee niet akkoord, en distantieerde zich van de socialistische bij-activiteiten van Bracke.

    http://nl.wikipedia.org/wiki/Siegfried_Bracke

  3. kruitvat zegt:

    Liesbeth Homans over 20 jaar hechte vriendschap met De Wever

    20 oktober 2012

    “Ik daag u uit: blíjven glimlachen terwijl je 20 camera’s tegen je hoofd aan krijgt, er zestig flitsen afgaan in je gezicht, wanneer je struikelt en het podium wordt opgeduwd door honderd journalisten tegelijk, is níet makkelijk.” Ook voor Liesbeth Homans (39) was het een bewogen overwinningsweek. Maar wel de week dat ze definitief doorbrak als nummer 2 van N-VA, zo lijkt het, nu ze mee achter die grote eikenhouten onderhandelingstafel in Antwerpen zit. Iets wat na twintig jaar hechte vriendschap met de grote leider niet eens zo evident was. “Ik vind het ook wel fijn om zélf iemand te zijn.”

    “Over de inhoud van de Antwerpse onderhandelingen spreek ik niet”, zei ze vooraf. En dat houdt ze vol, hoewel ook wij blijven proberen, want daar zijn we natuurlijk persmuggen voor. Consequent is ze. Dat is haar zelfs bijna aan te zien. Geen frivole framboos, wel een rationele, verstandige, soms wat stugge madame die je niet gauw betrapt op zottigheid. Al is ze live een stuk aaibaarder dan ook zij voor de camera’s soms met een hap en een snauw overkomt. Geen millimeter heeft ze geweken van de zijde van De Wever deze week. Met dezelfde grote ernst als de informateur zelf. Dat doet ze al twintig jaar niet, wijken, sinds het begin van hun vriendschap aan de universiteit van Antwerpen. Liesbeth Homans ziet BDW wellicht vaker dan hij zijn eigen vrouw Veerle ziet. “Het is een voordeel voor de vriendschap, voor politieke beesten als wij, dat je elkaars stiel deelt en door en door kent.” Ze zijn two of a kind. Soulmates. Of om het met een schonere, Vlaamse uitdrukking te zeggen: ‘beste vrienden’. “Al klinkt dat alsof ik mijn nichtje van 9 bezig hoor, we zijn het wel.” Die band geeft Homans een unieke status binnen de partij. Zij is de absolute vertrouwelinge van BDW, op eenzame hoogte de enige die moreel gezag heeft over ‘m. Die hem kan aanspreken tout court, als niemand anders het waagt. Dat moet een stevige microbe zijn. Maar: ze heeft géén Vlaams-nationalistische roots. Homans: “Totáál niet. Er werd thuis nooit over politiek gesproken. Er was in de familie één verre neef die schepen was in Borgloon en één nonkel was bij de VU. Maar het was pas tijdens mijn studies Geschiedenis dat ik ben aangestoken, door de bevlogenheid waarmee professor Herman Van Goethem zijn vak ‘Politieke en parlementaire geschiedenis van België’ doceerde (ook BDW noemt de prof vaak als inspirator, red.). Of misschien al eerder: wij kregen in de humaniora les van Leo Suykerbuyk, broer van toenmalig volksvertegenwoordiger Herman Suykerbuyk (lid van Vlaamsgezinde vleugel van de CVP). Op een uitstap naar het parlement was het toen rénnen om als eerste op de stoel te gaan zitten van de broer van de meester!”

    Nu zit u er zelf, senator. Op de stoel van de broer van meester Suykerbuyk.

    (lacht bedeesd) “Ja. Toch wel beetje trots op, ja.”

    Hoe geraakt een frisse studente van 18 in de jaren 90 in de ban van de Vlaamse zaak?

    “Ik vond dat de VU op een redelijke manier vertolkte wat bij veel Vlamingen leefde over ‘de onderdrukking’ – tussen grote aanhalingstekens – door de Franstaligen. Ook dat er altijd werd uitgegaan van een groep of gemeenschap – al zijn het de scouts of een groep vrienden – en niet vanuit individualisme, daar viel ik voor. Dat is bij de N-VA ook zo.”

    Hoezo, grote aanhalingstekens?

    “Wel ja, ik vind ook niet dat je dat moet overdrijven. Ik voelde mij zélf niet zo onderdrukt, maar dat de Nederlandse taal, bijvoorbeeld, nog niet zo lang aanvaard was, vond ik frappant. Ik vind dat je op die taal fier moet zijn.”

    U bent van bescheiden afkomst. Een leerschool op zich.

    “Mijn vader is weggegaan toen ik elf was. Mijn mama stond er alleen voor en deed wat ze kon om haar drie dochters te laten studeren. We hadden niets te kort want ze deed dat schitterend. Maar ook omdat we zelf meewerkten. Ik studeerde en werkte tegelijk voltijds bij de Delhaize. De kassa, schappen vullen, bakkerij, beenhouwerij, álles heb ik gedaan, behalve de wijnafdeling – wat best wel jammer is, bedenk ik nu. (lachje) Ik werkte liefst de late shifts, van 2 tot 8, zodat ik toch ook nog regelmatig naar de les kon gaan, én die betaalden beter. Ik werkte ook drie maanden door in de zomer. Het was doorduwen, maar hé: ik had wel alles zélf bereikt, toen ik uiteindelijk dat diploma haalde. Misschien pech voor hen, maar ik weet nu al dat mijn eigen zonen Stef (8) en Thijs (5) zelf zullen moeten gaan werken als ze op hun zestiende een brommerke willen.”

    U hebt ook uw hele jeugd in sociale woningen gewoond. U bent ervaringsdeskundige, als N-VA-specialiste in de commissie Wonen.

    “Klopt. Ik lieg daar niet over. Ik wil je zelfs zeggen wáár ik woonde in Wilrijk. En ik weet dus waarover ik spreek als ik het sociaal woonbeleid aankaart. Vroeger was een beurtrol om de gang te onderhouden, bijvoorbeeld, de evidentie zelf. Nu blijkbaar niet meer. Die regels moeten dus strenger. Ook dit is een verhaal van rechten en plichten. Ik vind dat wat je krijgt, wat door anderen betaald is, je op z’n minst ook netjes moet onderhouden.”

    Nog een plicht zou moeten zijn, volgens u: elke sociale huurder spreekt Nederlands.

    (ferm) “Absoluut! Waar 400 mensen in één woontoren wonen, is communicatie wel handig. Moet je daarom een boek van Hugo Claus kunnen lezen? Neen. Maar als je naar Vlaanderen komt, je aanspraak maakt op een sociale woning – waar ik op zich geen probleem mee heb – en je spreekt na jaren nog altijd geen Nederlands, ontstaan er wél leefbaarheidsproblemen. Ik bedoel: als je niet aan je buurman kan vragen wanneer je je vuilniszak moet buitenzetten, dan is er ook weinig andere optie dan hem door je raam te gooien.”

    Sinds 2009 is Homans senator, actief in de commissies Wonen, Energie en Stedenbeleid. Voordien was ze drie jaar provincieraadslid en nog eerder duivel-doet-al voor BDW, die toen parlementslid werd voor N-VA. Maar ze timmert aan die eigen weg. “Nu ben ik op politiek vlak zelf ook iemand zónder hem, en dat doet eens deugd”, zegt ze daarover. En dan gaat het nog niet over haar vermoedelijke toekomstige schepenambt. “Geen vragen over de Antwerpse onderhandelingen!”

    U had lang genoeg ten dienste gestaan ván?

    “Ik heb eerst op het kabinet van Johan Sauwens gewerkt (toen nog VU, later CD&V, red.). Voor Bart dacht ik mee na over de inhoud van dossiers, maar ik deed ook agendabeheer. Maar je eigen ideeën vertolken, dat is toch nog iets anders. Ik ben te zeer gebeten om uitsluitend ten dienste te staan ván.”

    Die twee-eenheid die u met BDW vormt, hoe werkt dat in de praktijk?

    “Ik lees hem, hij leest mij. Ik zie Bart een vergaderzaal binnenkomen en ik weet onmiddellijk: goedgezind/slechtgezind, iets op zijn lever of content. In de minder gunstige omstandigheden begrijp ik: ik val hem nú niet lastig met wat daarstraks in de commissie is tegengevallen. Maar dan ziet hij het toch aan mijn gezicht en na afloop van de vergadering zegt hij zelf: (imiteert, kort) ‘Ség, wat was ’t jong?’ En dan is het mijn beurt om stoom af te laten.”

    Ha, het zijn wederzijdse stoomketels.

    “Jazeker! Ik heb het soms ook nodig om eens goed uit te razen als dingen tegen zitten. Dan kan ik een uur later weer voort alsof er niks gebeurd is. Het is zo waardevol tegen iemand dingen te kunnen zeggen waarvan je absoluut zeker weet dat ze nooit tegen je gebruikt zullen worden, iemand die je 300% kan vertrouwen. Dat is niet altijd zo in de politiek.”

    Waarmee u de prijs van ‘Understatement van het Jaar’ verdient.

    (gaat voort)”Het is soms moeilijk om Bart te benaderen of iets te suggereren. Zoals bijvoorbeeld in de periode van de regeringsonderhandelingen van 2010. Ik kan dat meestal wel… Dat is een ontzettend voordeel van mekaar twintig jaar door en door kennen.”

    Misschien neemt u ook meer beslissingen dan het er van buitenaf uitziet?

    (schudt heftig neen) “In zijn plaats bedoelt u? Neen! Ik ga Bart zijn intellectuele capaciteiten hier echt niet geringschatten. Maar – en dit is een beetje lastig om hier zelf een antwoord op te geven – ik denk anderzijds wél dat ik intussen bewezen heb dat ik zelf inhoudelijk iets te betekenen heb. Ook de mensen van de andere partijen schijnen dat intussen te weten. En als ik in de campagne debatten gevoerd heb, in zalen of tv-studio’s, is het niet dat Bart daar mee op mijn stoel zit en van achter mijn rug mij influistert wat ik moet zeggen. Ik zit er zélf.”

    Tempert u hem soms? Of jut u hem juist op?

    “Tss, neen! Maar ik verwoord soms een boodschap anders tegen een derde dan hij het zou doen. Empathischer, zie je. Ik ben tenslotte een vrouw. Voorbeeld: als er ergens drie microfoons geleverd zijn, in plaats van vier, aan dat soort details kan Bart zich ontzettend storen. Ik zeg dan: ‘Komaan Bart, dat mag je niet dóen.’ En ik zal dan zelf aan die medewerker toch op een wel iets rustiger manier vragen of hij er de volgende keer op kan letten toch zeker vier microfoons te regelen.”

    Oei, nu komt u met dit voorbeeld over micro’s zelf wel vervaarlijk dicht bij het verkiezingsavond-incident, terwijl ik me nog zat af te vragen hoe ik het woord ‘idioot’ op een deftige manier in een volgende vraag kon smokkelen.

    (lachje) “Ach, van dat met die geluidsman is zo veel spel van gemaakt. Opgeklopte boel. Ik vond het zelf achteraf nog wel grappig, eigenlijk. Maar het was niet grappig bedóeld, vermoed ik.”

    Waarom waren jullie zo gespannen? Zo weinig zichtbaar blij na het binnenhalen van die sjerp?

    (ferm) “Wel, ik daag u uit zichzelf de volgende situatie voor te stellen: we krijgen die speech van Janssens met de uitslag, we moeten ons haasten naar de Zuiderkroon waar die hele massa N-VA- militanten al uren staat te wachten. Wat rode lichten, wat file. We komen daar al redelijk opgedraaid aan. Worden opgewacht door twintig tv-camera’s, zestig fotografen en daar alle bijbehorende journalisten nog tussen. Probeer dáár maar eens glimlachend door te komen. Je ziet niks want je bent verblind door al dat flitslicht. Je krijgt twintig camera’s tegen je kop aan, struikelt, wordt voortgeduwd en getrokken, je geraakt dan eindelijk dat podium op en je denkt: héhé, lucht! En dan gaat die knalluide muziek niet uit terwijl je live op tv bent. Afschuwelijk!”

    Maar thuis ziet de kijker: een bullebakkende nieuwe burgemeester. Hij ís toch een beetje geagiteerd de laatste tijd?

    “Ik lees nu overal in de pers karakterschetsen dat Bart ‘De Zuurste Mens Ter Wereld’ is geworden. Maar ík heb Bart niet zien veranderen. Alsof hij vroeger zo veel in het openbaar lachte. Voor mij is hij nog altijd zijn onderkoelde, grappige, cynische zelve. Met zijn retorisch talent dat ik zo knap vind aan ‘m. Dat is niet iedereen gegeven.”

    En u staat niet in de coulissen te gebaren van ‘Bart, stop!’ als hij voor de camera’s weer met de ogen begint te rollen?

    “Ik zou wel eens durven zeggen: ‘Allez, Bart, probeer toch nog eens te glimlachen’, terwijl ik wéét dat hij zich niet voelt zoals hij er soms uitziet: verbitterd. Maar het is buiten beeld trouwens altijd makkelijk om te oordelen wat je wel moet zeggen of doen.”

    Is hij kwaad om dat commentaar op zijn persoon?

    (antwoordt niet op de vraag) “Je kan je niet inbeelden hoe ook de vermoeidheid speelt. Bij álle partijvoorzitters heb ik die gezien. Ik voel ze zelf ook. Iedereen zijn lontje is wat korter tegenwoordig. Ik heb zo’n zin om mijn chronisch slaaptekort eens in te halen in het weekend, maar dat laat mijn moederhart dan weer niet toe want dan wil ik ook wel weer iets leuks doen met mijn jongens.”

    En een ijsgekoelde Patrick Janssens ontvangen, zoals donderdag op het stadhuis. Dat maakt misschien moedeloos?

    “Och. (wuift weg) Ik ga daar niet op ingaan. We komen er wel in Antwerpen, maakt u zich geen zorgen.” Het komt tijdens het gesprek een paar keer terug op schaduwen en schimmen van. En hoe die af te schudden. Het moet ook zijn omdat ze qua stijl toch ook wel erg op elkaar lijken dat die eenheid zo slecht kan los gezien worden van elkaar. Ook door haarzelf.

    U bent zelf ook al niet zo’n toonbeeld van goedlachsheid.

    “Ik kom soms stuurs over, als harde tante. Maar dat is omdát ik een vrouw ben. Dan moet je je eerst wat harder doen gelden. Daarna: ça va. En ik ben ook geen duts hé. Mij zul je ook zelden rond de pot horen draaien. Maar hebt u nóg vragen over Bart, want hoe kan ik uit die schaduw als ik er altijd opnieuw vragen over moet beantwoorden?”

    U staat niet in zijn schaduw, u bént zijn schaduw.

    (lacht) “Tja…”

    Wat uw positie uniek maakt binnen de partij. En een pak steviger dan die van Bracke of Jambon, lijkt mij. U bent alvast de morele nummer twee.

    “Maar ú zegt het, niet ik. Ach, we voerden ook campagne in dezelfde stad, Bracke en Jambon niet. Een politoloog gisteren in de krant beschreef mij als volgt: ‘Sterke politica, kent haar dossiers, nog nooit op fouten kunnen betrappen. Maar nadeel: staat in de schaduw van BDW’. Tja, hoezo? Waaróm dan nog, met verder zo’n positieve evaluatie?”

    Vriend en vijand zijn het eens: sterke madame.

    “Ik heb er ook vele jaren voor gewerkt. De vriendschap met Bart staat soms in de weg om au sérieux genomen te worden, denk ik. Maar ik kan er niks aan doen. Ik zou alleen de vriendschapsband kunnen doorsnijden, zeggen: ‘Sorry ik moet alleen verder of ik kom niet waar ik wil zijn, uit jouw schaduw.’ Maar dát heb ik er niet voor over. Nooit.”

    Spreken jullie buiten die drukke politieke agenda’s ook nog af, zoals vrienden doen?

    “We zijn onlangs nog samen naar het basket gegaan, elk met onze twee zonen. Nadien ben ik met die vier bij de Quick gaan eten, want Bart moest alweer naar een tv-studio.”

    Uw man, een kinesist, heet ook Bart.

    “Ja, zoals heel veel Vlaamse mannen van onze generatie zeker?”

    En dan schrijft die dekselse Koen Meulenaere in zijn column in Knack deze zomer iets à la: ‘Die twee – doelend op uzelf en BDW – gaan ons toch geen 30 jaar voorliegen en dan zoals Miet Smet en Wilfried Martens alsnog met mekaar trouwen.’

    (bijt van zich af) “Wil je dat ik daar serieus op antwoord? Eén ding wil ik daarover zeggen: als vrouw in de politiek ben je ofwel een bitch, ofwel ben je er geraakt op een manier die niet deftig is, als je begrijpt wat ik bedoel. Ik heb in die column al álle namen zien passeren van vrouwen die in de politiek iets te betekenen hebben: Vervotte, Van den Bossche, Gennez, Vautmans, iedereen. Of er in hun geval iets van aan was of niet, daar spreek ik me niet eens over uit. I couldn’t care less. Zolang de mensen in onze eigen omgeving maar weten dat er niets van aan is, van wat die man schrijft, is het voor mij prima. Maar ieder vrouwenhoofd dat boven het politieke maaiveld uitkomt, moet eraan geloven. Dat vind ik echt doodjammer.” (denkt) “En dan vinden ze het gek dat ze je als een ‘harde tante’ moeten omschrijven?”

    Was u een man geweest…

    “… hadden ze misschien óók gespeculeerd.” (lacht al opnieuw)

    Hoe wist u, met Bart: dit is echte vriendschap?

    “In onze studententijd heeft hij me ontzettend hard geholpen met het aanleren van een goede studiemethode. We moesten paleografie studeren en …”

    Momentje, even googelen. Ha, ‘de hulpwetenschap die zich bezighoudt met het lezen van oude handschriften’. Check!

    “… Ik kon dat écht niet en hij heeft me erdoor gesleurd. Ik wéét dat hij dat niet voor iedereen zou gedaan hebben. Dat was heel mooi van hem.”

    Is dat nu nog zo?

    “Dat maatjes zijn ja, maar niet meer doorsleuren. Dat kan ik nu wel zelf.”

    U leerde hem kennen via een gemeenschappelijke vriend. Zijnde: uw Franstalig lief! Doet u nu eens voor eens en voor altijd uit de doeken wie die mysterieuze man eigenlijk was?

    “Maar neen! Zijn naam ga ik echt niet noemen. Het was een vriend van Bart die ik wel knap vond en met wie ik aan de praat geraakte en later wat meer dan dat. Het was gewoon een Antwerpenaar die thuis Frans sprak. Uit een familie van Franskiljons. Alsof dat nu zó opmerkelijk was. Het is 23 jaar geleden!”

    Voor een net ontkiemd Vlaams-nationalistisch meisje wél, ja.

    “Het heeft ook maar zes maanden geduurd hoor. Maar we zijn nog altijd bevriend met die man. Bart zoekt hem soms op. Ik ga wel eens mee. En dan praten we over alles behalve politiek. Gewoon, omdat dat ook eens plezant is. Niet uit schrik dat het te hard zou botsen of zo. Hij is ook geen politicus. Hij sprak overigens perfect Nederlands. En we spraken ook Nederlands met mekaar, als dat je volgende vraag zou zijn.”

    In het geheel niet. Ik wou alleen nog weten: hoe relaxt u, als u nu zou mogen?

    “Tijd doorbrengen met de kinderen. Gewoon, hen van school gaan halen of samen op het pleintje basketten. Zálig. Van de kleintjes kan ze winnen, hoor.” (lacht)

    U speelde zelf ooit nog in eerste nationale, met de Red Vic Wilrijk. Respéct.

    “Ja. Tot studeren én fulltime werken én elke dag trainen niet meer samengingen. Maar nu sport ik niet meer. Ter ontspanning ga ik graag met de vriendinnen op citytrip. Proberen we elk jaar te doen. De laatste was Madrid. Heerlijk! En weet je wat we daar gedaan hebben? (enthousiast) We hebben die hele stad doorkruist met de fiets!”

    Oké, stop de persen. N-VA heeft het mobiliteitsprobleem van Antwerpen opgelost. De fiets!

    “De eerlijkheid gebiedt me te zeggen: het waren wél elektrische fietsen.”

    Bron: Annick De Wit in Het Laatste Nieuws van zaterdag 20 oktober 2012

    http://www.liesbethhomans.be/citaten/liesbeth-homans-over-20-jaar-hechte-vriendschap-met-de-wever

  4. kruitvat zegt:

    Kris Merckx – provincieraadslid PVDA+: geen vriend van De Wever

    ‘Ik deel jullie aversie voor het neoconservatieve, antisociale en separatistische gedachtegoed van De Wever.
    Zijn sociaaleconomisch programma is ronduit neoliberaal:
    – geen miljonairstaks (vermogensbelasting) maar wel behoud van de notionele intrest waardoor reuzen als Electrabel en Arcelor Mittal op hun miljardenwinsten minder belastingen betalen dan een gepensioneerde.
    – het bedrag van de dop nog sneller verlagen, de werkloosheidsuitkeringen in tijd beperken. Met als gevolg dat tienduizenden meer bij het OCMW gaan moeten aankloppen.
    – de index afbreken die nu de lonen en pensioenen beschermt. De koopkracht noch de economie varen daar wel bij
    – het brugpensioen onmogelijk maken, enzovoort.

    De Wever noemt de Engelse dokter Theodore Dalrymple als zijn ideologische inspirator. Van deze man zijn boek ‘Leven aan de onderkant’ spat de afkeer voor de kansarmen af.
    Los met zo’n mentaliteit maar eens de samenlevingsproblemen op in de Seefhoek, op het Kiel, op Linkeroever, in Hoboken, op de Luchtbal of in Borgerhout.
    Dat een neoliberaal en neoconservatief als Bart De Wever in Antwerpen nog meer zijn stempel op het beleid zou drukken, moeten we dus beslist verhinderen.

    ’t Stad is er op vooruitgegaan’. Die boodschap ademt het personalitymagazine ‘Patrick’ uit van op elke bladzijde. Daartoe wordt vanuit tientallen hoeken steeds opnieuw verwezen naar dezelfde realisaties: Park Spoor Noord, het MAS, meer fietspaden, heraanleg of verfraaiing van sommige pleinen en buurten, de Zomer van Antwerpen en andere festiviteiten… Dat zijn inderdaad positieve zaken.
    Maar op basis van die realisaties besluiten dat ’t Stad er globaal op vooruitgegaan is, dat is meegaan in een voorstelling van zaken die een groot deel van de sociale realiteit onder de mat veegt.

    er vooral gewerkt aan het omhulsel van de stad, aan haar uiterlijke verschijning. Binnen dat mooie omhulsel zijn er evenwel vitale organen en functies van de stad, die ernstig lijden onder een asociaal, neoliberaal beleid van besparingen op personeel en dienstverlening en van privatisering en uitbesteding van stedelijke diensten. Dat greep ondermeer plaats in essentiële domeinen zoals de gezondheidszorg, de sociale huisvesting, het onderwijs, het groenonderhoud en het personeelsbeleid in onze stad.
    Enkele voorbeelden maar:
    – De vroegere openbare OCMW-ziekenhuizen werden gedeeltelijk geprivatiseerd, omgevormd tot de ‘ziekenhuisholding’ ZNA. Een deel van de specialisten (o.a. de radiologen) mag zich daar nu deconventioneren. Ze mogen dus meer vragen dan het officiële ziekenfondstarief. Met als gevolg dat je voor een rugscan 30 euro meer remgeld moet betalen dan in het UZA of zelfs in de privé-ziekenhuizen. Het aandeel van niet terugbetaalde gebruikte materialen en supplementen in de facturen swingt de pan uit.
    – In de sociale huisvesting. Het aantal eigen personeelsleden voor herstelling en onderhoud werd drastisch afgebouwd. Steeds meer taken worden uitbesteed aan de privésector die zijn diensten zwaar en soms zelfs frauduleus doorrekent. De huurlasten, en vooral dan de waterfacturen, stegen, vaak met honderden euro’s per jaar voor een gezin. Door de ‘markthuurwaarde’ als referentie te nemen voor het bepalen van de huurprijs jaagt men de tweeverdieners, en dus ook de sociale mix, weg.
    – Zesduizend Antwerpse senioren staan op de wachtlijst voor een serviceflat. Toch staan 249 van de 309 nieuwe serviceflats, gebouwd op de Bosuil en in Silsburg al meer dan een half jaar leeg. Reden: het Zorgbedrijf dat ze via een pps-constructie (publiek-private-samenwerking) bouwde mikt in eerste instantie op rendement voor de projectontwikkelaar en zichzelf. Gevolg hoge prijzen voor het bekomen van woonrechtencertificaten (130.000 tot 225.000 euro) en dito huurprijzen (van 720 tot 1140 euro per maand + 100 € kosten). Inmiddels verdient de directeur van het Zorgbedrijf 200.000 euro bruto plus tot 30% bonus. Dat is meer dan de wedde van de Antwerpse burgemeester. De winstlogica kreeg de stedelijke sociale sector in zijn greep.
    – Vele stedelijke scholen zijn er belabberd aan toe. De achteruitgang op het vlak van herstellingen en onderhoud leidt tot kritische situaties. Containerscholen dienden, door gebrek aan vooruitziend beleid, in allerijl te worden neergepoot. Vaak nemen ze open ruimtes van de bestaande schoolcomplexen in. En vooral het te groot aantal leerlingen per klas laat de leraren niet toe tegemoet te komen aan de verschillende onderwijsniveaus die kinderen uit sterk gemengde klassen nodig hebben.
    – Het eigen personeel voor het groenonderhoud in de districten is vaak tot een derde teruggebracht. De privé-firma’s aan wie de taken uitbesteed worden wisselen vaak en bieden onvoldoende kwaliteit en regelmaat. De ingeschakelde organisaties voor sociale tewerkstelling (op zich geen slecht initiatief) lijden onder gebrek aan omkadering en expertise.
    – De ondervertegenwoordiging van Antwerpenaren van allochtone origine bij het vast personeel van stad en OCMW is stuitend. Elf procent van het voltallige stadspersoneel – alle nepstatuten inbegrepen – is van allochtone origine. Daar waar deze groep 34% van de in onze metropool ingeschreven bevolking bedraagt (en bij de min 60-jarigen nog een hoger percentage). Een van de redenen van die ondervertegenwoordiging is dat de examens, zelfs voor jobs bij de groendienst en de technische diensten, nodeloos moeilijk en theoretisch gemaakt zijn (trouwens ook voor heel wat autochtone kandidaten).

    Dit beperkte overzicht verantwoordt op zich al waarom wij spreken van een ‘asociale stroming’ in Antwerpen. Volgens mij kan je er niet buiten vast te stellen dat het hier gaat om eigen keuzes van Patrick Janssens en zijn coalitie. Dat verklaart ook het gemak waarmee Patrick Janssens zijn Stadslijst vormde. CD&V-tenoren met een uitgesproken rechts profiel op sociaal-economisch en ecologisch vlak, zoals Marc Van Peel en Philippe Heylen, kregen daarop een prominente plaats.

    Op sociaal-economisch vlak verschillen de Stadslijst en N-VA nauwelijks. Maar ook over immigratie, vrij meningsuiting, veiligheid, aanpak van overlast en samenlevingsproblemen sporen ze grotendeels samen. Samen leggen ze de klemtoon op een overwegend repressieve aanpak (GAS-boetes!). De Wever beklemtoont dat Janssens in zijn boek ‘Voor wat hoort wat’, net als hij, ‘in het rechten-en-plichtendiscours het zwaartepunt verlegt naar de plichten’. En Janssens spreekt hem op dat vlak niet tegen.

    Noch De Wever noch Janssens maken er een geheim van dat zij op de voornaamste punten op dezelfde lijn zitten. De Wever begint zich van zijn kant ook al meer op te werpen als ‘bruggenbouwer’. Niets staat een gezamenlijk nog rechtser bestuur in de weg.

    Bron:
    http://krismerckx.be/2012/10/07/is-patrick-echt-de-beste-keuze-tegen-de-wever/

  5. kruitvat zegt:

    NV-A, justitieminister Turtelboom, procureur Dams,

    De Antwerpse procureur des Konings Herman Dams pleit voor meer sociale controle

    De Wever verdedigt procureur Dams

    15 januari 2013

    Uitspraken Dams leiden hopelijk tot debat

    Lex Moolenaar

    Gazet van Antwerpen – 15 januari 2013

    Procureur Herman Dams heeft dit weekend op een spectaculaire manier zijn nek uitgestoken. Dams wil zijn beleid de komende jaren ingrijpend bijsturen. Hij vraagt de steun van de burger om de politie en het gerecht te helpen in hun strijd tegen de kleine criminaliteit. Wie in zijn straat iets verdachts ziet, al is het maar een auto met een buitenlandse nummerplaat, moet dat meteen melden, aldus Dams. Er moet opnieuw meer sociale controle komen.

    De uitspraken van de procureur hebben uiteraard meteen veel reacties uitgelokt. Dat het Vlaams Belang hem in alle toonaarden steunt, is niet echt een verrassing. Dat de linkerzijde van het politieke spectrum steigert, is dat evenmin. Groen-voorzitter Wouter Van Besien heeft zelfs een klacht tegen de procureur ingediend bij de Hoge Raad voor Justitie. Van Besien vindt dat Dams discrimineert en aanstuurt op een samenleving van verklikkers.

    Volgens mij heeft Herman Dams gelijk als hij een poging wil doen om de sociale controle te herstellen. Het afbrokkelen van de traditionele zuilen in onze samenleving heeft geleid tot een individualisme dat niet gezond is. Veel mensen gaan ervan uit dat de overheid – politiek, politie, gerecht, onderwijs – alle problemen in de samenleving moet oplossen. Dat is niet mogelijk. We moeten inderdaad terug naar een concept van burgerzin.

    Dat Dams zou discrimineren door de aandacht van het parket meer te focussen op bepaalde buurten dan op andere, geloof ik niet. Het lijkt me logisch dat je je bij het bestrijden van criminaliteit en overlast vooral concentreert op stadsdelen waarin die fenomenen meer dan gemiddeld voorkomen. Dat is een kwestie van efficiëntie.

    Dams zegt dat hij een beleid wil voeren dat steeds de beste oplossing zoekt: vervolging, hulpverlening of een combinatie van beide. Achter die intentie schuilt een wereld van ervaring, want het gebrek aan afstemming tussen het gerecht en de zorgsector is echt een van de grootste manco’s bij de behandeling van probleemgevallen.

    De uitspraken van Dams zijn in elk geval zeer gedurfd. Hopelijk leiden ze tot een grondig politiek en maatschappelijk debat, want dat is nodig. Daarnaast stel ik me de vraag of de politie en het gerecht in staat zijn om een eventuele stortvloed van signalen uit de samenleving op te vangen en adequaat te verwerken. Want anders zijn de uitspraken van de procureur niet meer dan holle frasen geweest.

    http://www.ovv.be/page.php?ID=5091

    =====

    Annemie Turtelboom steunt procureur Dams

    14 januari 2013

    “De aanpak van het parket van Antwerpen is volledig in overeenstemming met het Nationale Veiligheidsplan”, zegt minister van Justitie Annemie Turtelboom…

    Minister van Justitie Annemie Turtelboom staat achter de verklaringen van Antwerps procureur Herman Dams. Veiligheid is een verantwoordelijkheid van iedereen, stelde de minister op Radio 1, verwijzend naar de buurtinformatienetwerken die in de wet werden verankerd.

    De minister van Justitie zei blij te zijn dat een magistraat het woord voert, “ook al ben ik het er niet mee eens, wat hier zeker niet het geval is”, voegde Turtelboom eraan toe.

    Ze zei nog dat de Hoge Raad voor Justitie zich zal moeten uitspreken over de klacht van Groen-voorzitter Wouter Van Besien tegen Herman Dams, “maar een klacht van een politicus tegen een procureur is niet min”.

    Procureur Dams riep in een kranteninterview de burgers op om de politie te bellen als ze in hun straat een auto met vreemde nummerplaat zien staan. Ook liet hij verstaan dat hij van de kleine criminaliteit een prioriteit maakt. (Belga/TE)

    http://www.knack.be/nieuws/belgie/annemie-turtelboom-steunt-procureur-dams/article-4000233346474.htm

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s